Premiepercentages sociale verzekeringen in 2014.


De minister van Sociale Zaken stelt jaarlijks premiepercentages volks- en werknemersverzekeringen vast.
Een aantal premiepercentages is nog onder voorbehoud van (definitieve) vaststelling.
Hierna volgt een overzicht van de percentages per premiesoort.

AOW en Anw
De premiepercentages voor de AOW en Anw worden op hetzelfde niveau vastgesteld als in 2013 (17,90 en 0,60 procent). Beide premies worden gecombineerd geheven met de loon- en inkomstenbelasting in de 1e en 2e schijf.

Sectorfondsen
Uit de sectorfondsen wordt het eerste halfjaar van een WW-uitkering gefinancierd. De in de tabel weergegeven premie is een gemiddelde (2,67 procent). In werkelijkheid verschilt de premie per sector.

Door de modernisering Ziektewet vindt er in 2014 een verschuiving plaats tussen sectorfondsen en de Werkhervattingskas. Hierdoor dalen de sectorfondspremies (van 2,76 naar 2,67 procent) en stijgt de premie van de Werkhervattingskas (van 0,54 naar 1,01 procent). Daarnaast stijgen de sectorfondspremies door toenemende werkloosheidsuitgaven en het inlopen van opgebouwde tekorten.

AWf
Het Algemeen Werkloosheidsfonds financiert de WW-uitkeringen met een duur langer dan 6 maanden. De AWf-werkgeverspremie wordt voorlopig vastgesteld op 2,30 procent, 0,6 procentpunt hoger dan in 2013. De hoogte van de AWf-premie is nog onder voorbehoud van vaststelling van de sectorfondspremies. Als het UWV voor 2014 een andere (gemiddelde) sectorfondspremie vaststelt dan nu wordt verwacht, dan kan de AWf-werkgeverspremie worden aangepast binnen een lastenneutraal kader.

Ufo
Alleen overheidswerkgevers betalen de Ufo-premie. De Ufo-premie wordt vastgesteld op 0,78 procent, hetzelfde percentage als in 2013.

Uniforme opslag kinderopvang
De premieopslag kinderopvang voor 2014 blijft met 0,50 procent gelijk aan die in 2013. De verplichte werkgeversbijdrage kinderopvang wordt door werkgevers in de marktsector en de overheid betaald door middel van een opslag op de Aof-premie vanaf 2014.

Aof
De Aof-premie is (voorlopig) vastgesteld op 4,95 procent, een verhoging van 0,95 procentpunt ten opzichte van 2013. De Aof-premie is hoger vastgesteld om te compenseren voor lastenverlichtingen op andere werkgeversterreinen. Definitieve vaststelling van de Aof-premie vindt plaats in oktober.

Whk
De premie voor de Werkhervattingskas, waaruit de uitkeringen voor gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) worden betaald, stelt het UWV vast. Een eerste inschatting duidt op een rekenpremie van 1,01 procent in 2014 (nu: 0,54 procent).

De gedifferentieerde premie Werkhervattingskas bestaat in 2014 uit drie componenten. Per saldo betaalt het merendeel van de publiek verzekerde werkgevers in 2014 een lagere premie voor de WGA en ZW dan in 2013.

Het gemiddelde percentage WGA-vast daalt van 0,52% in 2013 naar 0,49% in 2014. Het rekenpercentage daalt eveneens, van 0,54% naar 0,51%.

Het gemiddelde werkgeversrisicopercentage WGA-vast stijgt van 0,23% in 2013 naar 0,27% in 2014.

De correctiefactor daalt daardoor fors van 1,78 naar 1,44 en zal in de jaren daarna verder dalen richting een waarde van 1. Dat betekent dat naast een gemiddeld lager premieniveau de gedifferentieerde premie WGA steeds beter aansluit bij de werkelijk veroorzaakte schade in het verleden.

Het gemiddelde percentage WGA-flex in 2014 bedraagt 0,17%, het rekenpercentage 0,18%.

Het gemiddelde percentage ZW-flex in 2014 bedraagt 0,31%, het rekenpercentage 0,34%.

Bij WGA-flex en ZW-flex is er in 2014 een correctiefactor van 2. Ook deze correctiefactoren zullen de komende jaren dalen, eveneens richting een waarde van 1.

Het aantal eigenrisicodragers WGA stabiliseert. Momenteel is ongeveer 70% van de werkgevers bij UWV verzekerd en is 30% eigenrisicodrager. In termen van loonsom is het aandeel eigenrisicodragers iets groter dan de helft omdat vooral grote werkgevers voor het eigenrisicodragerschap kiezen. In 2014 wordt geen verdere toename van het eigenrisicodragerschap verwacht, vanwege het premie- en aannamebeleid in de private markt.

Bij de ZW neemt het aandeel eigenrisicodragers wel toe, maar is in absolute aantallen nog zeer gering. Slechts 1500 werkgevers (minder dan 0,5% van het totaal) is momenteel eigenrisicodrager.

97% van de werkgevers betaalt een lagere premie ZW in 2014 dan in 2013.

Bij de WGA-vast betalen ongeveer evenveel werkgevers in 2014 een hogere als een lagere premie. Van de grote werkgevers betaalt bijna 70% in 2014 een lagere premie WGA-vast dan in 2013.