Wft-vrijstelling geldt ook voor salarisadministratiekantoren

De Vrijstellingsregeling Wft (Wet op het financieel toezicht) wordt hiervoor gewijzigd.De regeling treedt in werking op 1 januari 2014.

In een toelichting op de regeling schrijft Dijsselbloem: ‘Veel salarisadministratiekantoren en
accountants geven salarisgegevens door aan pensioenfondsen, verzekeraars en
premiepensioeninstellingen ten behoeve van het bepalen van de premie die de werkgever af
moet dragen voor het pensioen van de werknemer. Het doorgeven van deze gegevens aan
verzekeraars of premiepensioeninstellingen kwalificeert echter als bemiddelen in de zin van
de Wft, waarvoor op grond van artikel 2:80 van de Wft een vergunning moeten worden
aangevraagd. Daar een pensioenfonds geen aanbieder in de zin van de Wft is, is dit niet het
geval bij pensioenfondsen. Het doorgeven van salarisgegevens van een nieuwe werknemer
kan namelijk gezien worden als het als tussenpersoon tot stand brengen van een
overeenkomst inzake een financieel product (het pensioencontract). Wat betreft lopende
contracten, gaat het om het assisteren bij het beheer en de uitvoering, hetgeen volgens
onderdelen c en d van de definitie van bemiddelen in artikel 1:1 van de Wft ook onder
bemiddelen valt. De gegevens worden doorgegeven op verzoek van de werkgever, omdat
juist salarisadministratiekantoren en accountants eenvoudig kunnen beschikken over de juiste
gegevens. Buiten het doorgeven van de salarisgegevens zijn zij verder niet betrokken bij de
advisering over en de bemiddeling in het pensioenproduct. Deze activiteiten vormen dus een
marginaal onderdeel van de werkzaamheden van de salarisadministratiekantoren en
accountants, terwijl er wel uitgebreide wettelijke eisen tegenover staan. Dit wordt
onwenselijk geacht.’

Daarom wordt voorzien in een vrijstelling voor deze activiteiten. Dijselbloem: ‘De vrijstelling is
analoog vormgegeven aan de bestaande vrijstelling voor adviseurs die een andere
hoofdberoepswerkzaamheid hebben dan het verlenen van financiële diensten, maar vanwege
die andere hoofdberoepswerkzaamheid wel beschikken over gegevens betreffende de
financiële situatie van de consument. Wanneer dergelijke gegevens worden doorgegeven,
mag verder geen provisie worden ontvangen van de aanbieder en wordt de eis gesteld dat de
gegevens worden doorgegeven op verzoek van de werkgever van de desbetreffende
consument.’