Wijziging DGA loon vanaf 2015

In het Belastingplan 2015 is aangekondigd, dat de gebruikelijk loonregeling wordt aangepast.

Deze regeling bepaalt op welk bedrag het loon van de directeur-grootaandeelhouder (DGA) minimaal moet worden gesteld.

 Het begrip ‘meest vergelijkbare dienstbetrekking’ wordt ingevoerd. De regel dat het loon minimaal gesteld wordt op het hoogste loon van de overige medewerkers, wordt aangepast. Daarnaast wordt de doelmatigheidsmarge van 30% aangepast naar 25%. Voor 2015 geldt een overgangsregeling vanwege lopende afspraken tussen DGA’s en de Belastingdienst.

 Bent u directeur-grootaandeelhouder (DGA), dan moet uw loon worden getoetst aan het loon van de medewerker met de meest vergelijkbare dienstbetrekking in plaats van het huidige criterium ‘soortgelijke dienstbetrekking’. Dit laatste begrip leidt in de praktijk regelmatig tot discussie met de Belastingdienst, omdat de functie van DGA’s moeilijk te vergelijken is. Ook kan een soortgelijke dienstbetrekking ontbreken. Een meest vergelijkbare dienstbetrekking bestaat altijd.

De huidige regeling kent een 30% doelmatigheidsmarge. Dit betekent, dat uw loon 30% lager mag zijn dan zakelijk gebruikelijk zou zijn in het economische verkeer. De doelmatigheidsmarge wordt verlaagd naar 25%. Het verschil tussen DGA’s en 'gewone' medewerkers wordt in dit kader verkleind.

 Bij de vaststelling van de hoogte van het gebruikelijk loon is nu ook het hoogste loon van uw 'gewone' medewerkers van belang. Ook wordt de groep medewerkers, waarvan u het loon in aanmerking moet nemen, uitgebreid. Bent u bijvoorbeeld partner (belastingadviseurs, accountants, medici, advocaten of architecten) binnen een samenwerkingsverband? Dan kan deze uitbreiding gevolgen hebben voor de hoogte van uw gebruikelijk loon.

 Als hoofdregel stelt u uw loon ten minste op het hoogste van de volgende bedragen: