150 kilometergrens in 30% regeling niet strijdig met Europese Wetgeving

Hoge Raad: voorwaarde van 150 kilometergrens  in 30% regeling niet strijdig met Europese wetgeving

Op 4 maart jl. heeft de Hoge Raad besloten dat de vereiste afstand van 150  kilometer of meer, die de werknemer van de Nederlandse grens af woonde vóór indiensttreding niet in strijd is met Europees recht.
Dit betekent dat alleen medewerkers die 150 kilometer of meer van de Nederlandse grens voor een periode van tenminste 2/3rd van de 24 maanden voorafgaand aan de tewerkstelling in Nederland, in aanmerking komen voor toepassing van de 30%-regeling.
De hierboven genoemde voorwaarde van de 30% regeling is van toepassing sinds de algemene wijziging van de voorwaarden voor de 30% regeling op 1 januari 2012.
Sinds dat moment beweerde belanghebbenden dat deze voorwaarde in strijd is met de Europese wetgeving.

Deze kwestie werd voorgelegd aan het Europees Hof van Justitie die op de 15 februari 2015 besloot dat de eis van 150 kilometer niet in strijd was met de Europese wetgeving. Dit zou alleen anders zijn als er sprake zou zijn van enige vorm van overcompensatie ten opzichte van de werkelijke extraterritoriale kosten gemaakt door de buitenlandse werknemer.
Volgens de Hoge Raad heeft de wetgever het percentage gebaseerd op feitelijke onderzoeken. En dus heeft de Hoge Raad besloten dat er geen sprake is van systematische overcompensatie ten opzichte van de werkelijk gemaakte extraterritoriale kosten.

Dit besluit impliceert dat buitenlandse werknemers, die wonen binnen 150 km of minder van de Nederlandse grens vóór hun aanstelling, zeker niet in aanmerking komen voor toepassing  van de 30% regeling. Werknemers uit België, Luxemburg, het grensgebied van Duitsland en Frankrijk en sommige delen van het Verenigd Koninkrijk komen daarom definitief niet in aanmerking voor de 30% regeling.
Echter, de werkelijke extraterritoriale kosten kunnen wél worden netto worden gecompenseerd.

Voor meer info : contact@immensum.nl

Nieuwsbrief?

Volg ons