Peilmoment definitie kleine werkgever wijzigt per 1/1/2016

In de jaarlijkse Verzamelwet wordt zogenaamd klein beleid neergelegd en worden tekstuele omissies hersteld. Inmiddels heeft de Verzamelwet 2016 het licht gezien. In de artikelen over de transitievergoeding (artikel 7:673a t/m 7:673d BW) is geregeld wat onder een kleine werkgever wordt verstaan. Bepalend is daarbij het aantal werknemers dat in dienst is in de tweede helft van het kalenderjaar voorafgaand aan het kalenderjaar waarin de arbeidsovereenkomst eindigt.  Dus eindigt de arbeidsovereenkomst in 2016 dan zou je moeten kijken naar de tweede helft van het jaar 2015.

Doordat echter voor de ene werknemer een langere opzegtermijn kan gelden dan voor de andere werknemer, bestaat de mogelijkheid dat de arbeidsovereenkomst van een aantal werknemers net voor het einde van een kalenderjaar eindigt, terwijl de arbeidsovereenkomsten van andere werknemers in het volgende kalenderjaar eindigen, terwijl de ontslagprocedure van alle werknemers gelijktijdig is gestart.  U zult begrijpen dat dit onwenselijke uitkomsten tot gevolg kan hebben.  Ook kan dit ervoor zorgen dat naar het nog lopende kalenderjaar moet worden beoordeeld of sprake is van een kleine werkgever of niet.  In de Verzamelwet 2016 is opgenomen dat voor de bepaling of er van een kleine dan wel grote werkgever sprake is, gekeken wordt naar het moment waarop het verzoek om toestemming of ontbinding is gedaan.

Als de arbeidsovereenkomst eindigt zonder dat een verzoek om toestemming of ontbinding is vereist, dan is het moment van de opzegging (na schriftelijke instemming), dan wel het moment waarop de arbeidsovereenkomst eindigt en niet wordt voortgezet bij een bepaalde tijd contract bepalend.

Nieuwsbrief?

Volg ons