Samenvoeging WGA-vast en flex met 1 jaar uitgesteld.

De samenvoeging van WGA-vast lasten en WGA-flex lasten die per 2016 zou moeten plaatsvinden is van de baan. Minister Asscher heeft vandaag in een brief aan de Tweede Kamer gemeld dat verzekeraars nog niet toe zijn aan de samenvoeging  en dat deze een jaar wordt uitgesteld. Dus per 1 januari 2017 komt er een samenvoeging WGA-vast en WGA-flex en niet per 1-1-2016. Dit extra jaar is bedoeld om verzekeraars zich goed voor te kunnen laten bereiden op de nieuwe (WGA-flex)markt. Een grote zorg van de verzekeraars bij die voorbereiding is of er wel een gelijk speelveld is op de hybride markt.

Gelijk speelveld?
Tijdens de beginjaren van WGA eigenrisicodragerschap, rond 2007, bestond er al geen gelijk speelveld. Door de meeste specialisten op inkomensgebied werd verwacht dat de meeste werkgevers uiteindelijk eigenrisicodrager zouden worden. Daar zat een logische gedachtegang achter. De premies waarvoor inkomensverzekeraars goede risico’s wilden verzekeren, lagen lager dan de premies van de publieke verzekering. Door het vertrek van goede risico’s, dus bedrijven zonder WGA-schade, zou het gemiddelde risico bij de publieke verzekering stijgen. UWV en Belastingdienst zouden daarom gedwongen zijn hun premies te verhogen en daardoor zouden weer meer werkgevers met gunstige WGA-risico’s de publieke verzekering verlaten. Dit vliegwieleffect zou er uiteindelijk voor zorgen dat alleen nog bedrijven met slechte risico’s publiek verzekerd zijn voor het WGA-risico. Een mooie markt voor private verzekeraars! Tot op heden is hier niets van terecht gekomen. Inkomensverzekeraars hebben in de eerste jaren vanaf 2007 zeker een toename van WGA eigenrisicodragersverzekeringen in hun portefeuille mogen begroeten. Omdat de premies niet in verhouding stonden tot de geaccepteerde risico’s, hebben inkomensverzekeraars die premies de afgelopen jaren echter flink moeten verhogen. De verliezen waren voor een aantal verzekeraars zelfs reden om zich geheel uit de WGA-markt terug te trekken. Zo is inmiddels het speelveld op zijn kop gezet: werkgevers kunnen voor een lagere premie bij UWV terecht en keren weer terug naar de publieke verzekering. Vorig jaar zijn er voor het eerst meer werkgevers teruggekeerd naar het UWV dan eigenrisicodrager geworden.

Terugkeerpremie WGA
Het Verbond van Verzekeraars vindt dat de daling van het aantal werkgevers dat kiest voor eigenrisicodragen te wijten is aan een ongelijke concurrentie tussen het UWV en de private verzekeraars. Omdat de WGA eigenrisicodragersverzekering het uitlooprisico dekt, kan een werkgever altijd zonder schade naar de publieke verzekering terugkeren. Voor grote werkgevers betekent dit dat zij dan de minimumpremie voor de WGA aan de Belastingdienst verschuldigd zijn en deze ligt over het algemeen fors lager dan wat de private markt kan bieden. Het Verbond vindt daarom dat werkgevers die met hun WGA-risico terugkeren naar UWV en Belastingdienst, een minder aantrekkelijke premie voorgeschoteld moeten krijgen. De brief die Asscher verstuurde eindigt met de volgende passage: Over het functioneren van het hybride stelsel en de ontwikkelingen op de verzekeringsmarkt in het bijzonder blijf ik met alle betrokken partijen in gesprek. Zo nodig zal ik maatregelen treffen ter borging of verbetering van de concurrentieverhoudingen. Het zou dus zo maar kunnen dat de terugkeerpremie WGA er gaat komen.

Werk aan de winkel
Voor adviseurs betekent dit dat er meer tijd komt om werkgevers te helpen met de voorbereiding op de samenvoeging en de daarmee gepaard gaande keuze voor WGA financiering. We hopen dat de voorstellen van de minister zo uitpakken, dat er ook daadwerkelijk weer wat te kiezen valt voor werkgevers. Dat betekent een keuze in dienstverlening door UWV of private verzekeraar waarbij de laatste door zijn inspanningen op preventie en re-integratie de strijd met UWV eindelijk kan volhouden.