Scholingsverplichting

Als goed werkgeverschap bent u verplicht om aan scholing te doenScholing onder de Wet werk en zekerheid Scholing is het nieuwe toverwoord in de Wet werk en zekerheid.

Op diverse plaatsen in de wet komt het onderwerp aan bod:
1.         Artikel 7:611a BW (algemene scholingsplicht werkgever)
2.         Artikel 7:669 lid 1 (herplaatsingsinspanning)
3.         Artikel 7:669 lid 3 (disfunctioneren niet gevolg van onvoldoende zorg scholing)

In artikel 7:611a BW is scholing opgenomen als uitwerking van het goed werkgeverschap. U moet uw werknemer in staat stellen scholing te volgen die noodzakelijk is voor het uitoefenen van zijn functie en voor het voortzetten van de arbeidsovereenkomst van de werknemer als zijn functie komt te vervallen of de werknemer niet langer in staat is deze te vervullen. Dit betekent dat zowel bij herplaatsing in het kader van een reorganisatie als bij arbeidsongeschiktheid als gevolg van ziekte scholing om de hoek kan komen kijken. Waar het de herplaatsingsinspanning betreft zien we dat terug onder artikel 7:669 BW waarin de redelijke ontslaggronden vermeld staan.

Herplaatsing met behulp van scholing
Voordat een werknemer kan worden ontslagen zult u als werkgever eerst moeten onderzoeken of herplaatsing in een andere passende functie binnen een redelijke termijn zo nodig met behulp van scholing tot de mogelijkheden behoort. Wel geldt een redelijkheidstoets ten aanzien van de scholing inhoudende dat de kosten in verhouding moeten staan tot de duur van de opleiding, de te maken kosten en de financiële draagkracht van de werkgever. In een ontslagverzoek aan het UWV dan wel de kantonrechter zal de werkgever de gepleegde scholingsinspanningen dan ook expliciet naar voren moeten brengen.

Ook bij een ontslagverzoek dat gebaseerd is op het beweerdelijke disfunctioneren van de werknemer zal inzichtelijk moeten worden gemaakt dat dit disfunctioneren niet is toe te schrijven aan het gebrek aan scholing door de werkgever.

Aftrek inzetbaarheidskosten
Het belang van scholing zien we ook terug als het gaat om kosten die in mindering mogen worden gebracht op de transitiekosten. Kosten die zijn gemaakt voor de bredere inzetbaarheid van de medewerker mogen immers binnen een termijn van 5 jaar en na verkregen voorafgaande instemming van de medewerker afgetrokken worden van de te betalen transitievergoeding.

Kortom het is vanaf 1 juli 2015 van cruciaal belang gepleegde scholingsinspanningen te administreren en vast te leggen in het personeelsdossier van een medewerker. Het kan immers op een later moment van pas komen als er tot ontslag moet worden overgegaan.