Verkenning Werkkostenregeling

WKR: De introductie van het noodzakelijkheidscriterium
Staatssecretaris Weekers van Financiën heeft gisteren zijn reactie op het verslag van schriftelijk overleg over de evaluatie WKR naar de Tweede Kamer gestuurd, samen met de verkenning ‘Aan het werk met de werkkostenregeling’. In deze verkenning introduceert Weekers het noodzakelijkheidscriterium.

Volgens Weekers kan verdere vereenvoudiging van de WKR alleen worden bereikt door met een frisse blik en in lijn met de huidige maatschappelijke opvattingen over bijvoorbeeld loon, naar de leidende leerstukken als loonbegrip en tijdvakheffing te kijken en vertrouwde principes als draagkracht nieuwe invulling te geven.

Het draait steeds om de vraag wat tot het loon gerekend moet worden, en hoe uitzonderingen daarop vorm krijgen. Dat kan met gedetailleerde regelgeving, maar kan ook met een meer open norm. Gedetailleerde regelgeving geeft weliswaar meer zekerheid maar ook veel administratieve lasten.

Een open norm geeft minder zekerheid, maar biedt meer flexibiliteit, beperkt de administratieve lasten en heeft als groot voordeel dat de fiscale regelgeving niet achter hoeft te lopen op nieuwe (maatschappelijke) ontwikkelingen.
De meer fundamentele discussie over het loonbegrip is een gevolg van de breed in de praktijk gehoorde opvatting dat (nood)zakelijke kosten – ook al zit daarin een privévoordeel – eigenlijk helemaal niet tot het loon zouden moeten behoren en dat dientengevolge de vergoeding of verstrekking van die kosten ook niet ten laste van de vrije ruimte zou mogen gaan.

De Staatssecretaris constateert dat het op onbegrip stuit wanneer bijvoorbeeld de printer op de thuiswerkplek vanwege het veronderstelde privévoordeel niet onbelast kan, maar uit de vrije ruimte moet gaan. Terwijl de bureaustoel op die thuiswerkplek wel onbelast ter beschikking kan worden gesteld omdat hiervoor als ARBO-voorziening een nihilwaardering van toepassing is. Dit beperkt de vrijheid van de werkgever om de vrije ruimte aan te wenden voor voorzieningen met een beloningskarakter.
In Weekers’ verkenning wordt de problematiek van de complexiteit van de vergoedingen en verstrekkingen in relatie tot de WKR langs twee mogelijk oplossingsrichtingen benaderd. Ten eerste kijkt Weekers naar een systematische aanpassing van het loonbegrip (het zogenoemde noodzakelijkheidscriterium). Daarna wordt gekeken naar een oplossingsrichting waarbij in de praktijk ervaren knelpunten zoveel als mogelijk kunnen worden weggenomen. Beide sporen dragen bij aan een verbetering van de WKR en kunnen afzonderlijk van elkaar maar ook naast elkaar worden gevolgd.

Staatssecretaris Weekers wil de komende periode gebruiken voor een brede (internet)consultatie van de verkenning om daarna, samen met de praktijk, deze opties te bespreken en te bezien welke opties kunnen rekenen op een breed draagvlak. Weekers wil voor de zomer nog met de Tweede Kamer praten over de verkenning en uiteraard ook de resultaten van de brede consultatie. In het pakket Belastingplan 2014 hoopt de staatssecretaris dan met concrete voorstellen voor de WKR te kunnen komen.